[creation site internet] [logiciel creation site] [creation site web] [Start]

 Miekepoes.Info



Lapjeskat


Er zijn ongeveer 30 miljoen katten in West-Europa. Sommige zijn kortharig, sommige langharig. Sommige zijn gevlekt, andere gestreept. Sommige hebben een egaal gekleurd vel. Sommige zijn gespikkeld of gemarmerd. Sommige zijn grijs. Andere bruinachtig geel. Weer andere zijn helemaal wit of fluweelzwart. Maar de lapjeskat heeft een vacht met vier kleuren - zwart, creme, oranje en wit. Ze lijkt op een lappendeken.
Lapjeskatten jijn in werkelijkheid schildpadkatten met witte vlekken, gevoegd bij het zwart, creme en oranje van een schildpadschaal Ze worden gelijk geboren met de driekleurige schildpadjongen. In China zegt men dat de lapjeskat geluk brengt aan haar eigenaar.
Lapjeskatten zijn fraaie dieren. Ze hebben een brede kop en een korte snoet. De kleur van de neus is half zwart en half oranje. Ze hebben een witte bies op hun voorhoofd. Hun ogen zijn helder oranje, of groen.
Zoals de meeste huiskatten slapen, eten en spelen ze overdag heel tevreden in de nabijheid van het huis. 's Nachts schijnen ze zich het leven van hun wilde voorouders te herinneren. Ze gaan naar buiten om te stropen en te jagen.


KENMERKEN :


romplengte : varierend van 33 tot 45 cm ; staartlengte 20 tot 32 cm ; kleurvlekken wit, zwart en geel-oranje ; katers zijn eenkleurig roodbruin.


-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------


Men zegtdat lapjespoezen altijd vrouwtjes zijn; eigenaardig (genetisch?) verschijnsel? Maar hoe kan dat dan? Lapjes kunnen dus niet anders dan kruisen met niet-lapjes katers? Hoe kan dan de lapjeskat blijven voorbestaan? En waarom komen er geen mannelijke lapjeskatten voor?


Dit is het antwoord


Het fenomeen van de gevlekte vachtkleur bij de lapjeskatten is een voorbeeld van wat men 'X-chromosoom inactivatie' noemt of (meer algemeen) 'dosiscompensatie'. Dit fenomeen treedt op bij zoogdieren die twee X-chromosomen hebben en dat zijn inderdaad meestal vrouwtjes. Nu is het zo dat bij individuen met twee of meer X-chromosomen er altijd maar één X-chromosoom 'actief' is, de andere X-chromosomen worden letterlijk uitgeschakeld (geïnactiveerd). Dit betekent dat de genen op die geïnactiveerde X-chromosomen ook niet tot expressie komen, m.a.w. de allelen op die genen kunnen geen bijdrage leveren tot het fenotype. Kortom in individuen met twee of meer X-chromosomen kunnen alleen de genen en allelen op het actieve X-chromosoom het fenotype bepalen. MAAR... de inactivatie van de X-chromosomen gebeurt willekeurig in elke cel afzonderlijk van een embryootje (zygote) ongeveer 16 dagen na de bevruchting van de eicel. Dus in sommige cellen wordt het eerste X-chromosoom uitgeschakeld en in andere cellen zal het andere X-chromosoom worden uitgeschakeld. Eens een bepaald X-chromossom is uitgeschakeld, blijft het uitgeschakeld voor de rest van het leven én ook in alle dochtercellen die nadien uit die cel ontstaan.

Wat betekent dit alles nu voor lapjeskatten? Wel in katten wordt de vachtkleur o.a. bepaald door een gen dat zich op de X-chromosomen bevindt. Dat gen kan nu twee allelen dragen, nl. een allel voor de oranjegele kleur en een allel voor zwart. Een lapjeskat is 'heterozygoot' voor dit gen, dit betekent dat ze de twee allelen tesamen heeft: één allel op het eerste X-chromosoom en het tweede allel op het andere X-chromosoom. Maar 16 dagen na de bevruchting wordt dus in elke lichaamscel van het lapjeskatembryo telkens willekeurig één van beide X-chromosomen uitgeschakeld. In sommige cellen zal dat dus het X-chromosoom zijn met het allel voor oranjegeel, terwijl in de andere cellen dat het X-chromosoom met het allel voor zwart zal zijn. Het embryo wordt daardoor een mozaiek van cellen met het allel oranjegeel (cellen waarin het allel zwart werd uitgeschakeld) en cellen met het allel zwart (cellen waarin het allel oranjegeel werd uitgeschakeld). Vermits de dochtercellen van die cellen dezelfde inactivatietoestand hebben als hun moedercel, krijg je dus een dier met oranjegele zones en zwarte zones, m.a.w. het lapjeskat fenotype!

Kattinnen die homozygoot zijn, die dus twee dezelfde kleurallelen dragen, zijn dus ofwel volledig zwart ofwel volledig oranjegeel: daar zal de inactivatie van X-chromosomen immers niet tot een mozaiek kunnen leiden vermits er maar één type van kleurallel aanwezig is. Ook katers zijn voor dit gen dus ofwel volledig zwart ofwel volledig oranjegeel. Katers hebben immers, net zoals alle normale mannen, maar één X-chromosoom en dat wordt uiteraard niet uitgeschakeld! Er bestaan echter wél abnormale mannetjes met bv. een XXY genotype (bij de mens noemt men deze afwijking het Klinefelter syndroom). Deze mannetjes zijn echter steriel en kunnen zich niet voortplanten, maar als ze heterozygoot zijn voor de twee allelen oranjegeel en zwart, dan zullen zij wel het lapjeskat fenotype ontwikkelen.

In het algemeen zijn vrouwtjes dus eigenlijk mozaiek fenotypes voor alle X-gebonden genen in heterozygote toestand. Dat is dus ook zo bij de mens, ook al merken we daar dikwijls niets van!

Kortom, lapjeskatten zijn perfect normaal en kunnen zonder probleem met andere katten kruisen, inclusief niet-lapjeskat katers, en om een lapjeskat te doen ontstaan volstaat het dus om gewoon bv. een zwarte kater te kruisen met een oranjegele kattin (of omgekeerd), maar ook een kruising tussen een lapjeskat en een normale kater zal in 25% van de nakomelingen lapjeskatten opleveren.

Nog één ding: er komen nog andere, niet X-gebonden genen tussen in het bepalen van de vachtkleur van katten. Zo hebben heel wat lapjeskatten ook nog witte zones in hun vacht. Die witte kleur wordt echter door een ander gen bepaald, dat niet op het X-chromosoom ligt.